het Chinese denken en het Taoisme

Als je een naam zoekt van iemand die goed het een of het ander kan uitleggen, dan raad ik aan: Patricia Konings resp. René Ransdorp. Zij verzorgden er voor de Wijsgerige Kring Eindhoven afgelopen week resp. gisteren een avond (2 uur) over. Magistraal, indrukwekkend, heel rustig en zorgvuldig, zeer weloverwegen en helder !

Konings stelt helder dat het Chinese denken ontstaat als gevolg van konkrete problemen: het Chinese denken bloeit in een lange periode van forse politieke en maatschappelijke onrust: in de laatste eeuwen van de Zhou dynastie, de zgn. Periode van de Strijdende Staten: van 500 voor tot 200 voor Christus (hetzelfde als de de Griekse en de Indiase filosofie bloeiperiode !) In deze periode van oorlog, in deze politiek-woelige periode zijn zekerheden weg, zijn de vorsten op zoek naar nieuwe zekerheden, reizen filosofen langs de vorsten. De kernvraag van het Chinese denken is (dus): Wat is de weg, die ik moet gaan ?

Als er een einde is aan de politieke en maatschappelijke onrust, komt er ook een einde aan de periode van bloei van de filosofie. Er zijn dan veel filosofische scholen, waarvan er na verloop van tijd maar twee over blijven: 1. Het Confucianisme, dat zich vooral bezig houdt met de maatschappij, vooral in gebruik is door de vorsten, om het volk (van boven af) ‘in het gareel’ te houden, 2. het meer oppositionele (van onder op) mystieke Taoisme, dat focust op de mens en zijn relatie met de natuur (onder invloed ook van de agrarische cultuur van China). Het Confucianisme en het Taoisme zijn twee krachten, die elkaar afwisselen in de geschiedenis van China.

Zij onderscheidt vervolgens 5 hoofdpunten, zij noemt ze de krachtlijnen van, typerend voor het Chinese denken:
1. Het universum = een organisme. Het Chinese denken is holistisch. Het is correlatief denken. Het kent a la de akoestische resonantie: kosmische resonantie !
2. Dao (volgens de regels van de transcriptie schrijf je niet Tao maar Dao. Taoisme is zo ingeburgerd dat dat alleen wel met T geschreven wordt. Dao (de weg) is het hart en de ziel van het Chinese denken. Het is een dynamisch begrip; alles verandert) en Yin-Yang (alles heeft allebei, elkaar afwisselend en aanvullend in zich. Het zijn dynamische en relationele begrippen: betekenis verschilt afhankelijk van context en tijd, vrouw is Yin t.o.v. haar kind en Yang t.o.v. haar man …)
3. De Kracht van Riten (Li) (met het overschrijden van de grenzen van rituelen, geef je aan hoeveel betekenis de reden van het overschrijden voor je heeft)
4. Het belang van sociale relaties (hierarchisch !)
5. Het cyclisch tijdsconcept, in tegenstelling tot ons lineaire, progressieve tijdsbeeld.

René Ransdorp gaat dieper in op het Taoisme, doet dat van binnen uit, m.b.v. 23 citaten van de twee belangrijkste schrijvers van het Taoisme: Laozi (Lao Zi, Lao Tse) en Zhuangzi. De Tao-filosofie is iets anders dan de Tao-religie met zijn tempels en kloosters, ontstaan in de 2-de eeuw na Christus. Tao en Zen (6-de eeuw na Christus) zijn wel nauw aan elkaar verwant. Ransdorp onderscheidt min of meer, meen ik: het denken en het doen:

Kernbegrippen van het Taoistische denken:
– zachtheid, geweld met geweld bestrijden werkt niet (N.B. dit denken ontstond in een periode van oorlogen), water is er een veel voorkomende metafoor voor; het is zacht en krachtig tegelijk, veerkrachtig en flexibel
– leegte, openheid, ontvankelijkheid, los van je denkkaders; die ‘tussen haakjes’ zetten  a la de ‘Einklammerung’ van Husserl
– de oorsprong van de mensheid is een onbenoembaar mysterie, de eindige mens kan niets zeggen over de oneindige weg. De Taoistische paradox (met een variant op Wittgenstein): waarover je niet spreken kunt, daarover kun je niet zwijgen. Het begrip dat het best het begin weergeeft: het niets, in de zin van: het niet iets (vergelijk het Engelse Nothing, in de zin van: No thing), een niet bepaalbaar, niet te vatten iets, leegte
– Tao is het begin van de weg en het beginsel dat blijft werken gedurende de weg, a la een moeder die voortbrengt én opvoedt
– Levenskracht en deugd (in zin van: het doet mij deugd)
– model voor de mensheid, voor de wijze mens
– Grondhouding: besef van beperktheid van de mens. Als we los komen van onze kaders ontstaat ruimte voor ons ! Als we definities geven van begrippen, ont-hullen we de betekenis van begrippen, maar ver-hullen we meteen ook alle andere mogelijke betekenissen
– Denken in termen van tegenstellingen is een vorm van lui denken. Taoisme wil tegenstellingen vloeibaar maken door ze als verschillen te zien
– Nieuw begrip van wijsheid (a la Socrates): besef van onwetendheid
– Zoveel mogelijk in het standpunt van de anders; is verrijkend i.p.v. relativerend
Kernbegrip voor mij is toch vooral: onbevoordeeld denken

Kernbegrippen van het Taoistische handelen/doen:
– volledig onbaatzuchtig, belangenloos, a la de geweldige kracht van de natuur, van de kosmos: onbaatzuchtig
– de deugdenleer van Confucius is misbruikt door vorsten. Ransdorp spreekt over: hypocriete indoctrinatie
– Zwerven = meegaan met de veranderingen. Eindbestemming staat niet vast
zwerven, zwemmen, zweven (zwermen doen dat, zou ik nog willen toevoegen)
Een weg ontstaat, gaande de weg
– ont-doen, niet doen, ‘Wu Wei’. ‘(Martin Buber spreekt over ‘Nicht tun’, laten groeien),
– los laten is dichter bij de kern, de natuurlijke interactie met ‘de tienduizend dingen’
– zwakte, in de zin van: soepel, veerkrachtig, flexibel
– kracht van het zwakke: stille kracht, faciliteren, bevorderen van zelf ontwikkelen
– ‘de tienduizend dingen’ (alles) in hun eigen aard respecteren. Daardoor krijg je zelf ruimte om te zwerven, om te ‘spelen’ in de zin van: het spelende kind), speelruimte
– bron van vreugde in zichzelf
– ‘Wie weet dat genoeg genoeg is, heeft altijd genoeg’
– hoe dieper in de materie, hoe groter het mysterie
Kernbegrip voor mij is toch vooral: belangenloos doen.

Eén avond brengt mij slechts een (verdere) introductie in een en ander. Het bovenstaande is mijn poging om de de kern te omschrijven, voor zover ik die nu begrijp. Voor mij is het vooral ook een manier om verhaal van de inleiders te verwerken. Hopelijk inspireert het ook de lezer van deze Weblog.

Boeiend om in IKON documentaire van 22 dec. 2010 Herman Wijffels ongeveer halverwege kort te horen over Dao en ‘Wu Wei’, te horen zeggen dat ie Taoist is…

De relatie met het Rijnlandse is evident en sterk, voor mij ….
China heeft met het Taoisme al heel lang in huis wat nodig is voor de 21-ste eeuw, als ik zo vrij mag zijn dat te vinden en te zeggen …
Het hoeft ook niet (een deel van) zijn traditie en wortels in te ruilen voor het Angelsaksische ……

Dit vind je misschien ook leuk...

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *