Werken naar vermogen

Een mooi idee, Werken naar Vermogen, in de praktijk is het lastig, zo blijkt op de mooie middag die we bij de Sociale Werkplaats WEDEO in Doetinchem mogen hebben o.l.v. Peter Roemaat, de Organisatieaktivist van DeLimes Oost, die sinds 17 jan. met plezier ook Bedrijfsleider Industrie en Dienstverlening bij WEDEO is. Met zo’n 30 mensen genieten we van de organisatie en van haar vraag om mee te denken over hoe reguliere bedrijven te maken tot inleners van SW-ers, getriggerd door de komst van de Wet Werk naar Vermogen. Eigenlijk een vraag hoe we bedrijven Rijnlandser maken. Mooie vraag, waar we met elkaar deze middag een goed gesprek over hebben. Iets meer erover volgt hieronder.

Allereerst heet Algemeen Directeur Lisette ons welkom. Ze stelt met genoegen dat ze denkt dat WEDEO Rijnlands is, vertelt met trots dat 46% van haar mensen al bij reguliere bedrijven werkt, beter dan de meeste andere Sociale Werkplaatsen !

Vervolgens introduceert Peter de organisatie met zijn drie sectoren:
– het Groenbedrijf, met 200 medewerkers, waaronder de machinale ploeg, die o.a. de velden van de Graafschap bijhouden
– Arbeidsontwikkeling, met 225 medewerkers, die individueel gedetacheerd zijn bij reguliere bedrijven, begeleid worden door jobcoaches
– Industrie & Dienstverlening, waarvan er 200 bij WEDEO binnen en 170 buiten werken, in groepen, begeleid foor teamleiders.

Er is een forse transitie gaande:
van traditioneel productiebdrijf naar arbeidsontwikkelingsbedrijf,
van een bedrijf waar mensen binnen WEDEO zijn met accent op werk naar een bedrijf waar mensen gedetacheerd zijn bij reguliere bedrijven met het accent op arbeidsontwikkeling.

Tegelijk is ook de omgekeerde ontwikkeling aan de orde: WEDEO probeert mensen van buiten met behoefte aan arbeidsontwikkeling binnen hun muren aan het werk te krijgen, door verbindingen te maken met stakeholders in de omgeving. Zo werken ze bijvoorbeeld samen met Sociale Diensten en hebben uitvallers vanuit het Graafschap College binnen WEDEO ruimte om het onderwijs alternatief in te richten.

Ter verdere introductie toont Peter 2 filmpjes met succesvolle plaatsingen van SW-ers bij reguliere bedrijven en hij vraagt ons om de verschillen te zoeken. In het ene filmpje gaat het over de succesvolle samenwerking tussen organisaties, over een groter bedrijf met een beursgenoteerd moederbedrijf (eenvoudig gezegd over een Angelsaksisch bedrijf) en in het andere fimpje gaat het over mensen, over een startende ondernemer, die ook zelf een dochter met een handicap heeft (eenvoudig gezegd over een Rijnlands bedrijf) !  Mooie fimpjes toch, waarvan WEDEO er 10 heeft.

Vervolgens zien we in subgroepen het bedrijf. Teamleider William toont mijn subgroep van het bedrijf bijv.:
– de Postgroep, de 63 mensen die voor Business post de post sorteren en bezorgen
– de groep die vanuit het samenwerkingsverband met een Sociale Dienst dagactiviteiten combineert met werk.
Hij geeft ons overigens ook mooi duidelijk aan dat het management van WEDEO van beslissend belang is voor de richting en de toekomst van de organisatie ….

Tot slot introduceert Hans Bouwers, Manager Ontwikkeling en Innovatie de achtergrond van de transitie, een paradigma wisseling noemt hij het. WEDEO zelf is er al zo’n 6 a 7 jaar o.a. m.b.v Hans mee bezig. Met de nieuwe Wet Werk naar Vermogen moet de nieuwe praktijk in heel NL worden:
– In plaats van recht op een volwaardig leven krijgt een SW-er compensatie voor wat niet lukt
– In plaats van dat ie in een gespreid bedje komt moet ie zelf aan het werk
– Als ie minder productiviteit levert dan normaal is bij het reguliere bedrijf, dan krijgt ie minder betaling door het bedrijf, waarbij de overheid aanvult, maar niet helemaal, zodat er een prikkel blijft voor de SW-er
– De SW-ers zitten dus niet meer in een beschermde omgeving, maar moeten allemaal in reguliere jobs. Looncompensatie is het breekijzer. Begeleiding hebben we het niet meer over.
– Toekomstige krapte op de arbeidsmarkt triggert reguliere bedrijven aan de slag te gaan met mensen met een beperking
– Beperking duidt op onvermogen van de maatschappij om daar mee om te gaan !!
Afsluitende vraag aan ons is hoe we reguliere bedrijven op weg helpen aan de slag te gaan met mensen met een beperking, naar hun vermogen.

In onze subgroep is de belangrijkste suggestie om aan de slag te gaan met de koplopers, de fakkeldragers, waarvan dan effect uitstraalt op anderen. Overigens is het ook aan dorpen, aan wijken, aan scholen, om mensen naar vermogen een plaats te geven. Boeiend om te horen hoe schijnbaar bijvoorbeeld Randstad een fusie is aangegaan met een Sociale Dienst, waarbij zij anticiperen op en leren omgaan met krapte op de arbeidsmarkt. Voor mensen in de kaartenbakken van de Sociale Dienst is het via Randstad een beter binnen komen bij reguliere bedrijven, dan rechtstreeks vanuit de Sociale Dienst.

In de afsluitende plenaire discussie komen we o.a. terug op de filmpjes over de succesvolle detachering, de ene keer in een Angelsaksisch, de andere keer in een Rijnlands bedrijf. De vraag is dan wat maatgevend is: de beleving van de SW-ers of onze eigen mening, een discussie die bij WEDEO ook aan de orde is. Ik ben van mening dat de SW-er in de Angelsaksische context tevreden is ondanks de context, in de Rijnlandse context dankzij de context, hetgeen toch geen reden hoeft te zijn om SW-ers niet te plaatsen/houden in een context die meer Angelsaksisch is. Je kunt maar beter weten in wat voor bedrijf je de SW-er plaatst en dan waar nodig anticiperen op de toekomst …

Dit vind je misschien ook leuk...

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *