Nieuw Europees Organiseren (2)

Eerder was op deze weblog al te lezen dat het boek er aan kwam, er al een hoofstuk van te lezen was, maar nu is het gehele boek al weer een tijdje bestelbaar en leesbaar. Tijd voor een wat uitgebreidere introductie en bespreking.

NEOJaap Jan Brouwer en Jaap Peters hebben ooit hun vakmanschap met elkaar in verbinding gebracht, in het vertrouwen samen een mooi boek te kunnen maken. Wat mij betreft is dat gelukt, is het boek een belangrijke verrijking van het arsenaal van inspiratiebronnen voor Rijnlands organiseren. Het boek is ook een prachtige illustratie van mijn stelling dat je op alle mogelijke gebieden altijd alternatieven hebt, waar je uit kunt kiezen. De Japen hebben fraai twee alternatieve invullingen voor heel veel aspecten aangegeven: het Anglo-Amerikaanse (A-A) en het Europese (E)/Rijnlandse. Aan u/ons de keuze !

Nieuw Europees Organiseren is afgekort NEO, de naam van de hoofdrolspeler in The Matrix, de film die (zoals Jaap Peters schrijft bij zijn introductie van zijn boek op zijn site) lijkt te zijn gemaakt rondom de drie levensvragen van de Duitse filosoof Emanuel Kant (1724-1804): – Wat moet ik weten, – wat moet ik doen, – wat mag ik hopen. Een soortgelijke 3-deling zit in dit boek: – deel 1: de juiste deur openen, – deel 2: het pad kiezen, – deel 3: de eerste stappen zetten. Daarmee hebben we één lijn in het boek. De andere lijn is die van het 7S-model van onze oude McKinsey vrienden Peters & Waterman, dat de structuur vormt in de hoofdmoot van deel 2.

DEEL 1, DE JUISTE DEUR OPENEN
H. 1. De wereld waarin we leven. Hierin is de introductie van het model van Oliver Williamson, die binnen de maatschappij onderscheidt:
1) het domein van waarden en normen, met bijv. ‘gemeenschapszin’ en ‘rentmeesterschap’, die al in Europa waren vóór ‘profit, people and planet’;
2) het domein van instituties en formele regels, met bijv. common law en civil law, rule based en principle based die we later nog heel vaak terug zien;
3) het domein van bestuur en maatschappij, met bijv. John Nash en Ronald Laing als verantwoordelijk voor de ontwikkeling en toepassing van de game theory;
4) het domein van markt en individu, waar ongeveer de rest van het boek over gaat.
Aan het einde van dit hoofdstuk komen we dan voor het eerst een tabel tegen zoals we die tegen komen aan het einde van elk hoofdstuk van dit boek:
in de kolommen: de Europese uitwerking (E) en de Anglo-Amerikaanse uitwerking (A-A), 
in de rijen: de aan de orde zijnde aspecten.

H. 2. De organisaties waarin we werken.
Leerzaam om hierin te lezen over:
– Jomini en Von Moltke, de uitvinder van de Auftragstaktik tegenover de Befehlstaktik;
– arbeidsproductiviteit en opleidingsniveau

– de inherent zwakke punten van het A-A, waar dan A-A literatuur over is, die populair is bij ons, want gekoppeld aan sterktes van ons;
– over Wilhelm Röpke, waarover verderop meer.

H. 3. Een besturingsconcept dat past bij de organisatie, over:
– de rol van leiders,
– een visie als centraal element,
– van visie naar organisatie-inrichting,
– de keuze van een besturingsconcept:
naast het mentale model van de leider/manager zijn de andere variabelen, die rationeel gezien een rol spelen: de aard van de organisatie, de levensfase van de organisatie, de levenscyclus van producten/diensten en de dynamiek in de omgeving. 

DEEL 2, HET PAD KIEZEN
H. 4. Beelden van de werkelijkheid:
– de introductie van het 7S model.

H. 5. Shared Values, Waarden als belangrijke drijfveer:
– Vakmanschap, Verbinding en Vertrouwen.

H. 6. Strategy, Waardecreatie als strategie, met daarin:
een tocht langs de strategievelden, met cost leadership (A-A) en product leadership (E), red oceans (A-A) en blue oceans (E);
investeren in innovatie, met: flexibilisering van de arbeidsverhoudingen, Schumpeter-I (A-A) en Schumpeter-II (E);
innovatie in historisch perspectief, bijzonder om hoe te lezen hoe Duitsers (bijv. Werner von Braun) naar de VS moesten.

H. 7. Skills, Kennis en vakmanschap als basis, met:
–  niet meer zoveel; wordt elders in het boek al zoveel over gezegd.

H. 8. Systemen als verbindende elementen, over:
– social media ook.

H. 9. Structure, Focus op het proces. Hier gaat het dan zo mooi over:
– de beroemde hamsters van Jaap Peters: over de beslis-hamsters, de denk-hamsters, de praat-hamsters en de werk-hamsters;
– de statische kern vol regels en de scharrelruimte daaromheen;
– het vertrouwen in professionals en de roep om transparantie, met ‘tell me’, ‘show me’ en ‘prove it to me’, van Mathieu Weggeman;
– de planning-en-controlcyclus.

H.10. Style, Leiding geven als ondersteuning, met:
– Krachtig leiderschap;
– Sturen vanuit vier rollen:
voorman, trainer, coach en inspirator;
– Het gedrag van individuen: bepaald door principes, inzichten en regels.

H.11. Staff, Medewerkers als belangrijkste kapitaal, met:
Teams en teamperformance, met factoren die de mate van zelfregulering (mede) bepalen;
Leren in organisaties, met enkel-, dubbel- en drieslag leren;
De benadering van medewerkers.

2 toevoegingen aan de 7S-en:
H.12.Financien als afgeleide, met:
– Een eenzijdige fixatie op aandeelhouderbelang;
– Maatschappelijke dimensies
, waarin meer over Röpke, Adenauer en Erhard;
– Finance First ! 

H.13. De omgeving als natuurlijk gegeven, met:
– Inhoud en vertrouwen;
– De storm voor de stilte
, een storm is bijv. de T-Mobile actie van Youp van ’t Hek.

DEEL 3, DE EERSTE STAPPEN
H.14. Tijd voor verandering, met:
Het einde van een paradigma, met: 1) oud denken/oud doen, 2) oud denken/nieuw doen, 3) nieuw denken/oud doen, 4) nieuw denken/nieuw doen;
Aandachtspunten in het veranderingstraject, met het ‘mentale model’ van de manager als belangrijk punt.

H.15. Het nieuwe werken, met:
– het bekende artikel van Jaap Peters en Harold Janssen.

Epiloog, die uitloopt in een oproep aan iedere individuele manager !

Kortom, er komt nogal wat aan de orde. NEO is een systematische uitwerking van Nieuw Europees Organiseren, over de volle breedte, door het af te zetten tegen het Anglo-Amerikaanse Organiseren, met vele actuele en interessante historische voorbeelden. Overtuigend op allerlei punten, bijv.:
– hoe het Europese denken op het gebied van ‘gemeenschapszin’ en ‘rentmeesterschap’ er al was vóór het A-A denken over ‘profit, people en planet’, ‘cradle to cradle’, etc;
– opleidingsniveaus, productiviteit, productkwaliteit en innovatie in Europa en in de VS;
– de toekomstgeschiktheid van het Europese versus het Anglo-Amerikaanse model. 

Boeiend ook om aanvullingen te krijgen op de ontstaansgeschiedenis van een en ander:
– We leren veelal F. W. Taylor als de grondlegger van het Scientific Management. Eigenlijk is dit de Amerikaanse kant van de zaak. In Europa waren kennelijk bijvoorbeeld de Fransman Jomini en de Duitser Von Moltke eerder aan de orde;
– We leren van Piet Moerman recentere geschiedenis over Erhard en Ropke en van Hans Achterhuis in zijn Utopie van de vrije markt over Ayn Rand. In NEO leren we over John Nash, Ronald Laing en James Buchanan, die verbonden waren met Von Hayek (die weer verbonden was met Friedman c.s.).
Kortom, redenen temeer om NEO verplicht onderdeel te maken van allerlei Bedrijfskunde/Economie/Organisatiekunde opleidingen!

Twee merkwaardigheden meld ik tot slot:
– Het model van Oliver Williamson helpt in het boek goed om de maatschappelijke kant van de zaak te verhelderen. Vreemd alleen en jammer dan dat er niets van hem voorkomt in de Literatuurlijst acher in het boek;
– Erhard en Adenauer verhouden zich zoals beschreven in het boek ten opzichte van Ropke precies andersom als we geleerd hebben van onze specialist op dit punt, Piet Moerman. Volgens NEO (p. 225 e.v.) was Erhard (een aantal malen overigens in NEO verkeerd geschreven als Ehrard) neoliberaal en stond ie in debatten tegen Adenauer & Ropke, terwijl Piet Moerman ons leert dat Erhard & Ropke tegenover Adenauer stonden. Ordoliberalisme komt niet aan de orde in NEO. Het verwijst ook niet naar het boek van Plickert (Wandlungen des Neoliberalismus) over de Mont Pelerin Society (MPS), terwijl NEO wel schrijft over de MPS.

Dit vind je misschien ook leuk...

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *